Over de woningstichting

Woningstichting Weststellingwerf is een actieve, dynamische corporatie. Wij zijn een klantgerichte maatschappelijke organisatie met ongeveer 2700 woningen. Wij geven met daadkracht en sociale bevlogenheid richting aan tal van nieuwe ontwikkelingen. Naast herstructurerings- en nieuwbouwprojecten besteden wij veel zorg aan onderhoud van het bestaande woningbezit. Wij zijn volop bezig met het verder ontwikkelen van onze producten en diensten, zijn financieel gezond en bieden een prettig werkklimaat voor onze medewerkers.

Actueel  

Er zijn geen actuele nieuwsberichten.
Klik hier om naar het nieuwsarchief te gaan.

Toekomst vraagt om andere woonvormen

Relaties veranderen

Het woord dat centraal staat bij alle veranderingen in hoe we leven, is flexibilisering. Net zoals het niet meer voor de hand ligt je hele leven bij een werkgever te blijven, is het ook niet vanzelfsprekend meer dat je je hele leven met dezelfde partner doorbrengt. Nieuwe generaties groeien op met andere opvattingen over relaties. Het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) constateert met name onder laag opgeleide dertigers een snelle toename van turbulente levenspaden.

Dat heeft nogal wat gevolgen. Als mensen uit elkaar gaan zijn er soms twee woningen nodig. Zeker voor mensen met een laag inkomen kan dat ingrijpend zijn: want hoe vind je twee geschikte woningen die betaalbaar zijn? Woningcorporaties, die verantwoordelijk zijn voor het aanbieden van sociale huurwoningen, zullen naar passende oplossingen moeten zoeken.

Flexibele arbeidsmarkt

Niet alleen de relatiemarkt, maar ook de arbeidsmarkt is veranderd. Steeds minder mensen hebben een vaste baan, steeds meer mensen een flexbaan. Dat levert onzekerheid op over het inkomen. Inkomens komen nogal eens onder druk te staan en dat zorgt voor grote onzekerheid. Financieel én persoonlijk. De meest kwetsbare groepen zijn de mensen die toch al onder het gemiddelde verdienen.

Mannen krijgen de klappen

Binnen die groep zijn het de laagopgeleide mannen die de grootste klappen krijgen. Zij zijn steeds minder zeker van hun baan. Voor vrouwen geldt dit minder. Zij werken soms toch al niet of ze werken weinig uren. Als hun partner vertrekt is er mogelijk nog de bijstand. Blíjft hun werkloze partner, dan vervalt die bijstand. Van een relatie worden ze financieel dus niet altijd beter. Door de sociale regelingen die er zijn is in feite de kostwinnersfunctie van de man overbodig geworden. En dat is confronterend: niet alleen hun vrouwen hebben hen in zulke situaties niet meer nodig, hun bazen ook niet. Mannen worden op verschillende manieren steeds meer oproepkrachten. Zie daar maar eens mee om te gaan.

Het SCP (Sociaal en Cultureel Planbureau) schat in dat in de toekomst 1 op de 7 laagopgeleide mannen in een kwetsbare positie zal zitten, en in de toekomst zal dit aantal alleen maar toenemen. Bovendien blijven mannen steeds vaker kinderloos. Stel, ze hebben geen werk en geen eigen gezin, dan hebben ze daardoor ook meestal minder sociale contacten. De kans op vereenzaming is groot, zeker als ze ouder worden. En dat doen we massaal...

Steeds ouder

Inderdaad, we worden steeds ouder, nog zo’n ingrijpende ontwikkeling. In Nederland leven nu al 3 miljoen senioren (65+), over vier jaar zijn dat er 4 miljoen. Binnenkort, in 2019, zullen er zelfs meer 50-plussers zijn dan mensen in de leeftijd van 18 tot 49 jaar. En steeds meer oudere mensen, vooral mannen dus, staan er alleen voor. De extra huishoudens die er volgens het CBS de komende decennia bijkomen, bestaan vrijwel volledig uit ouderen, ook licht dementerenden. Zij kunnen niet meer terecht in verzorgingshuizen en zullen zoeken naar nieuw woonvormen.

Scheefwonen verschuift

Dan is er nog iets aan de hand. U heeft vast wel eens van het woord scheefwonen gehoord. Daar werd mee bedoeld dat men- sen met een te hoog inkomen een woning huren die bedoeld

is voor mensen met een lager inkomen. Om deze huurders te stimuleren een duurdere woning te huren of een huis te kopen werd besloten dat de huren van door hen bewoonde huizen extra omhoog moesten. Dat scheefwonen neemt nu af. Maar er ontstaat een andere vorm van scheefwonen, namelijk van mensen die eigenlijk te weinig verdienen om in hun woning te blijven wonen, maar geen alternatief hebben. Het aantal mensen dat het structureel krap heeft in de sociale woningbouw neemt daardoor toe.

Andere vormen van wonen

De geschetste ontwikkelingen vragen om een andere kijk op wonen voor woningbouwcorporaties. Want juist zij zijn het die woningen voor deze kwetsbare groep mensen aanbieden. Wat zij kunnen doen is andere woonvormen ontwikkelen. Als twee mensen die samen in een eengezinswoning woonden uit elkaar gaan, zijn er geen twee volledige eengezinswoningen nodig, maar kunnen ook kleinere, betaalbaardere woonvormen voldoen. Nog belangrijker is het dat er nagedacht wordt over hoe mensen geholpen kunnen worden bij het leggen van sociale contacten. Vroeger had je ‘hofjes’ waar mensen naast elkaar woonden en waar ze elkaar konden opzoeken en helpen als ze dat wilden. Dat werkte goed. Belangrijk bij zulke vormen van groepswonen is dat mensen niet verplicht zijn mee te doen met activiteiten. Ze hoeven niet samen op te trekken, maar het wordt wel gemakkelijker gemaakt om met elkaar in contact te zijn en zelf te beslissen wat je voor elkaar wilt betekenen.

Stad en platteland

Is er nu een groot verschil in de ontwikkelingen tussen stad en platteland? Dat valt mee. Wel is het zo dat plattelandsgebieden meer dan gemiddeld last hebben van de gevolgen van flexibilisering. Mensen die op zoek zijn naar een baan trekken naar de Randstad. Ook zelfstandigen hebben de neiging naar de stad te trekken, omdat daar meer opdrachten te krijgen zijn. Dit gaat vooral ten koste van de verder afgelegen gebieden. Jong talent vertrekt met als gevolg minder jonge gezinnen en een toenemende vergrijzing. Er zijn al flink wat gemeenten waar de meerderheid van de volwassenen 50 jaar of ouder is.

Gepubliceerd: vrijdag 8 juli 2016