Visitatie 2010
Conform de Aedescode heeft Woningstichting Weststellingwerf zich laten visiteren door een daartoe gecertificeerd bureau. Het visitatieonderzoek heeft eind 2010 plaatsgevonden, de rapportages over het onderzoek zijn hieronder oproepbaar. De visitatie, die is uitgevoerd door KWH (Kwaliteitscentrum Woningcorporaties Huursector), kijkt terug op de jaren 2007 tot en met 2010, een periode die voor de woningstichting als “turbulent” mag gelden.
Na het vertrek van bestuurder De Vries eind 2006 was er onder leiding van diens directe opvolger sprake van een koers, waarvoor, zo bleek achteraf, intern en extern onvoldoende draagvlak was gecreëerd. Dit heeft eind 2008 geleid tot een niet gepland terugtreden van de bestuurder. Gedurende een relatief lange periode is gedurende 2009 sprake geweest van een door de Raad van Commissarissen ingestelde vorm van waarneming. In die periode zijn werkzaamheden verricht om intern en extern verhoudingen te normaliseren. Dat proces is voortgezet bij het aantreden van de huidige bestuurder. Uitgestelde activiteiten zijn uitgevoerd, dan wel weer in beweging gezet, en onafgesloten, soms lastige, dossiers zijn opgeruimd of worden aangepakt.
Gelijktijdig met de bestuursperiode vanaf 2007 manifesteerde zich, als gevolg van tegenvallende woningverkopen, een negatief resultaat in de BV Lindewijk Vastgoed. De BV Lindewijk Vastgoed was het vervoermiddel waarin WoonFriesland en Woningstichting Weststellingwerf de gezamenlijke ontwikkelactiviteiten in uitbreidingsgebied Lindewijk in Wolvega hadden ondergebracht. De negatieve resultaat- en vermogensontwikkeling van BV Lindewijk Vastgoed hebben de corporaties gedwongen de vennootschap te ontbinden en op een andere manier de aangegane verplichtingen in de Lindewijk te managen. De continuïteit van de BV Lindewijk Vastgoed is daardoor de afgelopen jaren een bron van zorg geweest en heeft daardoor in belangrijke mate de agenda van de corporatie mede bepaald.
Beide zaken (bestuursperikelen en betrokkenheid in BV Lindewijk Vastgoed) zijn “dossiers” die in zichzelf en qua effect op de ontwikkeling van de corporatie van aanmerkelijk belang zijn geweest in de onderzoeksperiode en dat laat zich ook zien in de waarnemingen en conclusies van de visitatiecommissie.
De corporatie haalt in de systematiek van de visitatie (meting maatschappelijke prestaties) in een schaal tot 8 de volgende scores:
|
Prestatieveld |
Beoordeling |
|
Presteren naar opgaven |
6,1 |
|
Presteren naar eigen ambities en doelstellingen |
6,3 |
|
Presteren volgens belanghouders |
6,5 |
|
Presteren naar vermogen |
5,1 |
|
Governance |
6,1 |
Naast de officiële visitatiemeting (rapportdeel I) is door KWH tevens de tevredenheid onder de verschillende belanghouders gemeten over het acteren van de woningstichting en is het presteren beoordeeld vanuit de invalshoek van die belanghouders (rapportdeel II). Dat heeft de volgende waarderingen voor het presteren van de corporatie opgeleverd:
|
Beoordelingsperspectief |
Beoordeling |
|
Oordeel vanuit klantperspectief |
Ruim Voldoende |
|
Oordeel vanuit perspectief huurdersparticipatie |
Ruim Voldoende |
|
Oordeel vanuit perspectief andere externe belanghouders |
Voldoende |
|
Oordeel vanuit perspectief intern toezicht |
Bijna voldoende |
|
Oordeel vanuit perspectief medewerkers |
Voldoende |
KWH komt door de combinatie van de voorgaande beoordelingen tot de volgende “score” voor de 6 visitatievragen:
|
|
Visitatievraag |
Beoordeling |
|
1 |
Levert de corporatie maatschappelijk gewaardeerde prestaties? |
Voldoende |
|
2 |
Presteert de corporatie naar vermogen? |
Bijna voldoende |
|
3 |
Worden de belanghouders in een open beleidsproces tijdig en adequaat bij de beleidskeuzes betrokken? |
Voldoende |
|
4 |
Zijn de beleidskeuzes van de corporatie voldoende (extern en intern) verankerd en wekken zij voldoende vertrouwen in een waardevolle bijdrage aan maatschappelijke vraagstukken? |
Voldoende |
|
5 |
Functioneert het interne toezicht naar behoren? |
Voldoende |
|
6 |
Heeft de corporatie voldoende potentie tot leren en verbeteren? |
Voldoende |
Bestuur en Raad van Commissarissen verklaren kennis te hebben genomen van de visitatierapporten van KWH en de daarin opgenomen conclusies ten aanzien van presteren en aanbevelingen voor verbetering. De conclusies bevestigen het eigen beeld ten aanzien van aspecten waarin de corporatie kan en zelfs moet groeien. Voor een deel heeft die groei al vorm gekregen: enkele belangrijke, reeds gaande, ontwikkelingen zijn door de visitatiecommissie niet (positief) meegenomen in de beoordeling, omdat ten tijde van het onderzoek nog de formele vaststelling van de in die ontwikkeling opgesloten koers ontbrak. Voor een ander deel van de conclusies geldt dat die op basis van eigen waarneming en overtuiging al hadden geleid tot in het “Ondernemingsplan 2011 – 2015” opgenomen verbeterplannen en –activiteiten. Voor het resterende deel van de aanbevelingen uit het visitatierapport geldt dat die, voorzover minder nadrukkelijk herkenbaar in het concept plan, voor definitieve vaststelling van dat plan daarin alsnog zijn verwerkt.
De visitatiecommissie heeft het concept “Ondernemingsplan 2011 – 2015” tot haar beschikking gehad. Zij vindt dat dit plan in- en externen een goed houvast geeft voor het acteren van de corporatie in de toekomst, maar heeft (de inhoud van) het plan niet in de beoordeling meegenomen. Het “Ondernemingsplan 2011 -2015” is door de Raad van Commissarissen goedgekeurd in haar vergadering van 18 februari 2011 en vervolgens door de bestuurder vastgesteld. Het ondernemingsplan is hier oproepbaar
Vanuit de grote betrokkenheid van corporatie en dier medewerkers bij haar taakopdracht, had de leiding van de woningstichting op betere scores gehoopt. Tegelijkertijd wordt ingezien dat het presteren in de achterliggende periode daartoe, binnen de meetsystematiek van de visitatie, onvoldoende aanleiding heeft gegeven. Raad van Commissarissen, bestuur en management zijn de mening toegedaan dat er met het nieuwe ondernemingsplan voor de beleidsperiode 2011 – 2015 een kader is gedefinieerd op basis waarvan bij de volgende visitatie (bij gelijkblijvende regelgeving over de periode 2011 – 2014) hogere scores kunnen worden bereikt. Het is de ambitie van de leiding van de corporatie om dat ook te bewerkstelligen.
Woningstichting Weststellingwerf spreekt haar dank uit aan de visitatiecommissie en KWH voor het (doen) verrichten van het visitatieonderzoek. De corporatie bedankt daarnaast alle (vertegenwoordigers van) belanghouders die aan het onderzoek hun bijdrage hebben geleverd. Dank is de corporatie ook verschuldigd aan alle eigen medewerkers die in de voorbereiding en/of de uitvoering van het onderzoek betrokken zijn geweest.
Bestuur en Raad van Commissarissen Woningstichting Weststellingwerf
Wolvega, april 2011
